SAL7361, Act: R°77.1 (173 of 504)
Search Act
previous | next
Act R°77.1  
Act
Date: 1467-11-04

Transcription

2019-07-23 by myriam bols
It(em) de mo(m)boirs vanden goidshuysen vanden xii ap(oste)len en(de) va(n) s(in)[te] barbele(n)/
binne(n) loeven(en) met (con)sente vanden borg(er)meeste(re)n en(de) raide der stat van/
loeven(en) in p(rese)ncia hebben gekint ende gelijd dat jonck(er) henric hee(re) te/
schoenhoven (et)c(etera) hen met gereden pe(n)ningen wel en(de) dueghdelic afgeleecht/
ende gequijt heeft eenen hollan(sche) guld(en) erflik(er) rinten van dien iiii hollan(sche)/
guld(en) jairlijker rente(n) staen(de) te quiten elken pe(n)ninc met xvi[en] die de vors(creven)/
goidshuysen jairlix heffen ende behoude(n) hebben aen een stuc wijngarts/
des vors(creven) jonck(er) henr(ix) geleg(en) bove(n) scoenhove(n) op dboervelt Kennen(de)/
hen de vors(creven) momboirs vand(en) selve(n) hollan(sche) gul(den) volcomelic genoech/
gesciet te sijne gheloeven(de) den selve(n) jonck(er) henr(icke) noch sijn goede/
noch nacomelinge(n) vand(en) selve(n) hollan(sche) guld(en) noch van egheenen/
acht(er)stelle van dien voirtmeer ne(m)mermeer aentespreke(n) te volgen/
te moeyen noch te vexe(re)n in gheene(n) rechte geestelic noch weerlic/
in gheend(er) wijs cor(am) m(ar)cels ouderogge no(vem)[br(is)] iiii[ta]
ContributorsMi-Je Van Gils
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2016-07-05 by Jos Jonckheer