SAL7368, Act: R°192.1-V°192.1 (413 of 738)
Search Act
previous | next
Act R°192.1-V°192.1  
Act
Date: 1475-01-28

Transcription

2020-04-13 by Mi-Je Van Gils
Nae dien dat goird hanckart in rechte betogen heeft pete(re)n van ha(m)me al(ia)s/
weerne(r) als oir en(de) erfg(enaam) en(de) aenveerde(r) der have(n) gebleve(n)/
nae de doot (christ)inen wed(uwe) wilen jans vand(er) lanen ald(air)/
de voirs(creven) gord den voirs(creven) pete(re)n aensprac seggen(de) want/
de voirs(creven) (christ)ine den voirs(creven) gorde gelooft hadde genoech/
te doen(e) vand(er) ca(m)men met hue(re)r toebehoirten gelegen/
inde dorpstrate tussche(n) de goede arts de wairseghe(re)/
en(de) de goede wile(n) m(ar)gr(ieten) van weterbeke nu des voirs(creven)/
gorts en(de) de selve ca(m)me te warande(re)n op den/
co(m)mer van vier rijders erfchijs staen(de) ter quiting(en)/
elcke(n) d(enier) d(air) af met achtien geliken rijders d(air)/
voe(r) uutgaen(de) Ende voirt op vie(r) rijders/
erfchijs die de voirs(creven) (christ)tine d(air) aen behielt ende/
de selve gort bevonden hadde uut d(er) voirscr(even)/
ca(m)men van ouden co(m)me(r) gaen(de) drie rijders erflijc aen/
m(ar)gr(iete) lauwer(eys) en(de) d(air)enboven div(er)se oude chijse die te/
betalen stae(n) soe hier na volgt Te weten(e) tweelf/
stuv(er)s aen sande(re)n van oerbeke derthien stuv(er)s aen/
tgoidsh(uys) vand(en) wittevr(ouwen) twee en(de) eene(n) halve(n) stuv(er)s/
aen me(ester) augustijne vand(en) ryele i(½) stuv(er) aen den/
gr(oten) heylige(n)g(heest) i(½) stuv(er) aen den heylige(n)gheest va(n) s(in)t/
mych(iel) drie en(de) eene halve pl(a)c aen pete(re)n va(n) ov(er)dyle/
vijf gr(oten) pay(ments) aen den heylig(en)gheest va(n) s(in)[t] qui(n)tens/
xxv gr(oten) pay(ments) aen tgroot beghijnhoff vijf gr(oten) pay(ments)/
aen tgasth(uys) op de biest xx gr(oten) aen tgroot gasth(uys)/
vijf gr(oten) s(in)t g(er)trud(en) vijf gr(oten) int cleyn beghijnhoff/
twee stuv(er)s den augustijne(n) Welcken oud(en) chijs voirs(creven)/
meer gedroege dan eene(n) rijd(er) vand(en) voirs(creven) vie(r) int/
waerscap beg(re)pen en(de) den selve(n) chijs van sulcker natue(re)n/
wa(r)e dat men dien niet en mochte lossen soe hoepte hij/
soe v(er)re hij des voirs(creven) steet conste bewisen dat de voirs(creven) pet(er)/
hem des den chijs meer dan eene(n) rijd(er) gedroege afdoen/
soude en(de) voirts soe vele doen dat hij den voirs(creven) vierd(en) rijd(er)/
soude moege(n) lossen den d(enier) met xviii D(air) tege(n) de voirs(creven) pet(er) in sijne(n)/
v(er)antwerd(en) ond(er) dande(re) dede segge(n) dat hij de have als oir en(de) erfg(enaam) d(er) voirs(creven)
//
(chris)tine(n) niet en hadde ae(n)veert en(de) datme(n) dat niet bevi(n)d(en) en soude hopen(de) also vand(er)/
ae(n)sp(ra)ke(n) ongehoud(en) te zijne En(de) nae dat de voirs(creven) gort tsijne(n) thoene gewijst was/
en(de) die(n) geleyt heeft soe hebben de hee(re)n scep(enen) van loe(ve)n gewijst voe(r) een vo(n)nisse/
dat de voirs(creven) pet(er) gehoude(n) sal zijn den voirs(creven) gorde tvoirs(creven) meer te restitue(re)n als/
ouden chijs nae d(er) ordinan(cien) vand(er) stad en(de) oic vand(en) voirg(eruerde) vierde(n) rijd(er) oplegge(n)/
des de afquiti(n)ge vand(en) oud(en) chijse meer gedraecht dan den d(enier) xviii P(rese)ntibus/
scab(inis) in scampno januar(ii) xxviii
ContributorsHadewijch Masure
Moderated byHadewijch Masure
Last update: 2016-10-11 by Jos Jonckheer