SAL7371, Act: V°200.3-R°201.1 (451 of 734)
Search Act
previous | next
Act V°200.3-R°201.1  
Act
Date: 1478-02-26

Transcription

2019-09-09 by kristiaan magnus
Want jan van rode als geleyt nae des(er) stad recht voir/
zijn wettich gebreck tot allen den goeden beyde have/
ende erve jans desmet sone jans wilen geheete(n) smet/
bastart symoens vand(en) wijng(ar)de geheete(n) yngelbeert/
ende colarts geheete(n) colijn ja(m)mart wair die belegen/
moegen zijn he(m) oft henr(ic) vand(en) zijpe d(er) stad bode in zijne(n)/
name met brieve(n) vand(er) stad gescreve(n) aen den meye(r) van/
arkene(n) oft zijne(n) stedehoude(r) alle de selve goede heeft doen/
leve(re)n en(de) dach van rechte doen bescheyden der moeder/
des voirs(creven) jans en(de) der weduwen des voirs(creven) symoens/
oft zij tege(n) de voirs(creven) leveringhe yet hadden willen/
allige(re)n d(aer)af den dach op heden diende Tot welcke(n)/
dage de voirs(creven) moeder niet comen en is den voirs(creven)/
janne van rode trecht voirt versueken(de) soe hebben/
de scepen(en) van loeven(en) ter manissen smeyers gewesen/
met vo(n)nisse nae dat hen gebleken heeft bij rapporte
//
des voirs(creven) henr(ix) vand(en) zijpe tvoirs(creven) exploit van leveringhen/
en(de) dachdoene geschiet te zijne datmen den voirs(creven) geleydd(en)/
vand(en) voirs(creven) goeden [uutgescheiden des vors(creven) symoens wijle(n) symoens d(aer)af de weduwe voer ooge(n) was] houden soude inde macht van zijnen/
beleyde zoe verre dat noch voir hen comen was cor(am)/
eisd(em)
ContributorsKarel Embrechts
Moderated byKarel Embrechts
Last update: 2016-11-30 by kristiaan magnus