SAL7373, Act: R°349.1-V°349.1 (769 of 786)
Search Act
previous | next
Act R°349.1-V°349.1  
Act
Date: 1480-06-09

Transcription

2021-11-21 by Greet Foblets
Cond zij allen lieden dat roelof reymaer en(de) lijsbeth scusters/
zijn wijf in p(rese)ncia hebben gehuert en(de) bekint gehuert te hebben(e)/
jegen hee(re)n ja(n)ne ballinck prieste(r) cappellaen der kercken van sinte/
peters te loeven(e) en(de) henricke vander horst als man en(de) momboir/
lijsbetten ballincx zijnre huysvrouwen wettige suster des voirs(creven)/
hee(re)n jans de huysinge(n) metter stoven smissen en(de) allen den toe/
behoirten gelijc die belegen zijn inde steenstrate opde brugge Te/
houden te hebben en(de) te besitten metten haefliken goeden en(de) vliegen(de)/
erve h(ier) nae bescreve(n) dairinne zijnde Inden iersten xxxvi bedden/
elc bedde metten coetsen en(de) saergien dair toe behoiren(de) xxxi paer/
slapelaken lviii o(m)meslage xxix oercussen(en) xi becken(en) soe cleyne/
soe groote vier ketele xxv wynden viii mutsen drie badecuypen/
drie tderdecuypen iii waschcuypen twee cleyne cuypkens dwater/
mede inde bade te draghen twee eemers en(de) een buyccuype gescat/
zijnde tsamen dese voirs(creven) beruerlike goede metten gesworen(en) scatters/
op de so(m)me van [vacat]/
Van sint jansmisse naestcomen(de) eenen t(er)mijn van drie ja(r)en eenp(er)lijc/
sonder middel volgen(de) Elcx jairs dae(re)nbynnen om en(de) voe(r) vie(re)ntwintich/
stuvers de weke drie pl(a)c(ken) voir den stuver gerekent Met vorweerden/
en(de) condicien oft teniger tijt bynnen den selven tijde soe vroeze dat/
de voirs(creven) gehuysschen acht daghen lang teynden een mits belette van/
vorste de voirs(creven) stove niet en heytte(n) en(de) alsoe stille staen moeste dat dan/
de selve gehuysschen de pe(n)ninge vanden tijde dat hij [die] alsoe stille moeste/
staen selen moegen onderhouden sonder die te betalen totter tijt dat zij die/
stove weder selen beghinnen te heyten en(de) alsoe neringe doen selen En(de) selen alsdan/
tverlet dat zij alsoe tachter bleven selen zijn moeten opleggen alle weken/
te weten(e) elke weke vervolgen(de) de helicht vander hueri(n)gen van eenre/
verletter weken voirscr(even) Welke goede en(de) have voirs(creven) de voirs(creven) gehuysschen/
ten uutgane vanden voirs(creven) t(er)mijne wedero(m)me selen moeten doen schatten/
En(de) oft zij dan arger bevo(n)den wordden dat sullen de selve gehuysschen moeten/
oprichten Ende oft die dan beter bevonden worden dat salmen hen v(er)ghelden/
oft aen de voirs(creven) huere afslaen Item selen de voirs(creven) h(er) jan en(de) henrick/
moeten de huysinge vander stoven ende smissen houden den voirs(creven) t(er)mijn due(re)nde/
van wande en(de) van dake wel en(de) loflijc Ende de voirs(creven) gehuysschen selen/
de stove moeten houden vanden kakelen en(de) plankie(re)n te hue(re)n laste En(de) wes/
aen de plankie(re)n oft kakelen bynnen desen t(er)mijne gebroken wordde dat/
sullen de selve gehuysschen doen repare(re)n thue(re)n laste al warent/
meer dachue(re)n dan eene Voirts hebben de voirs(creven) gehuysschen/
gelooft dat zij inde voirs(creven) stove bynnen den voirs(creven) tijde gheen oneerbair
//
geselscap houden en selen bij daghe noch bij nachte dairaf de gebue(re)n oft/
ande(re) hen becroenen mochten En(de) dat zij oic bynnen den selven tijde gheene/
o(n)eerbair geselscap met hen woenen(de) en(de) selen houden noch aenveerden/
En(de) oft bevo(n)den wordde dat zijt daden dat zij dan gehouden/
souden zijn te betalen den voirs(creven) hee(re)n ja(n)ne en(de) henricke de geheel/
hue(re) van eene(n) jare Ende es voirt vorweerde soe v(er)re de voirs(creven) gehuysschen/
twee weken tynden een lieten ov(er)gaen als zij geheyten consten sonder/
betalen dat dan de huere van dien jare dair dat inne gebuerde/
gevallen sal zijn Ende waert oic dat de voirs(creven) gehuysschen tot/
e(n)niger tijt merckelijc belet waren en(de) stille moesten staen mits/
uutpandingen vander haven inder voirs(creven) stoven zijnde voir gebreck/
van chijse oft ande(re)n belette dat zij dan soe lange de voirs(creven) stove stille/
steet gheen huere en selen derven gheven Ende den cost vander ierster/
en(de) lester scattingen voirs(creven) selen p(ar)tien in beyden zijden te gelijke te gelijke/
draghen en(de) ghelden Ende alle dese vorweerden condicien en(de) geloften/
voirs(creven) hebben(de) de voirs(creven) h(er) jan renu(n)c(ians) en(de) henric in deen zijde en(de) de voirs(creven)/
gehuysschen in dande(re) malcande(re)n gelooft vast en(de) gestentich te houden/
en(de) te voldoen(e) tallen tijden en(de) t(er)mijne(n) als die vallen en(de) verschijnen/
selen quol(ibet) ass(ecutu)[m] cor(am) b(er)them reth(eman) junii ix
ContributorsGreet Stevens
Moderated byGreet Stevens
Last update: 2016-12-14 by Jos Jonckheer