SAL7376, Act: V°175.2-R°176.1 (345 of 753)
Search Act
previous | next
Act V°175.2-R°176.1  
Act
Date: 1482-12-17

Transcription

2021-04-18 by  Marie-Bernadette Desmedt
Tusschen meester marcken smeets inden name m(ijns) hee(re)n des/
prioers van bierbeke die bijder wet hadde doen ontbieden henr(icke)/
van schoene(n)berghe gelaesmake(r) ter eender en(de) den selve(n) henricke/
ter ande(re) aldair de selve [m(eester)] marc versocht dat henr(ic) bedwongen/
wordde te stellen inder kercken te bierbeke alsulken gelasen/
vynste(re)n alse hij des wel vier jair geleden om te repare(re)n onder/
gehadt hadde de selve prioer wa(r)e te vreden hem te betalen(e)/
des meesters gelaesmakers die zij dair toe nemen mochten/
seggen souden datter aen verdient wa(r)e hopen(de) dat het/
alsoe behoirde opdoen(de) oic tgroot achterdeel dat m(ijn) hee(re) en(de) de/
kercke aen dlicht anders gehadt hadden dat die dus lang/
was bleven te maken p(ro)teste(re)nde nae dien hij dit hem aldus/
versocht vanden selven achterdeele en(de) schaden d(air)af gebuert en(de)/
voirtaen gebue(re)nde zijn verhael dair tegen de voirs(creven) henr(ic) seyde/
dat waer wa(r)e dat hij die ae(n)genomen hadde te repare(re)n des lange/
was geleden mair want tsteyne(n)werck dat dair toe behoefde/
de voirs(creven) prioer ierst hadde doen maken bij ja(n)ne vanden broecke/
des omtrint drie maenden was geleden soe en was tgebreck/
van dien in hem niet Oic seyde hij dat hij al bereet was/
om die op morgen te gaen stellen behalven dat he(m) betali(n)ge/
gebuerde van drie mudden corens hem noch gebreken(de) vand(en)/
vier mudden dair voe(r) die aen hem verdingt was te maken/
en(de) en meynde vand(en) verdingden wercke gheen gelaesmake(r)/
te derven manen dair tegen meester marck altrice(re)nde/
seyde dat henr(ic) d(air)op i(½) mudde corens hadde gehave(n) hoe/
wel hij mair i mudde corens en seyde en(de) alsoe versocht/
hij meesters gelaesmakers om te taxe(re)n wes hij d(air)aen/
meer verdient hadde want soude hij iiii mudde corens/
dair voe(r) hebben dat waren wel xvi r(inssche) g(ulden) en(de) meer dair/
hij boven twee rinsschegulden(en) aen verdient en hadde/
dair tegen henr(ic) de co(n)trarie seyde bliven(en) bij tselve verdingen/
en(de) dat hij mair een mudde dair op gehaven en hadde en(de) dat/
meer was p(rese)nteerde te bewijsen(e) dat de prioer en(de) hij onlangs leden/
te weten(e) omtrint s(in)[t] m(er)tensmisse sprioers huys tsamen dairaf/
sprake hadden gehadt en(de) d(air)af overcomen wae(r)en dat hij d(air)af noch
//
hebben soude twee mudde een sister oft een halster corens es/
duytsprake want henr(ic) van desen lesten overcomen nu onlanx/
geschiet hem wairh(eit) vermat dat de hee(re)n die beghee(re)n tae(n)hoiren/
en(de) dae(re)ntynden recht dair toe hij dach nam op in vrijdaghe/
naestcomen(de) En(de) want meester marck vast versochte dat de/
vynste(r) gestelt wordde voir dit hoochgetijde en(de) henr(ic) den p(ri)oer/
die gheestelijc was niet naegaen en woude soe was p(ar)tien/
geseecht voir een expedient dat m(ijn) hee(re)n hem eene(n) weerliken/
borge stelde te voldoen(e) des de stadt d(air)af appointe(re)n soude en(de)/
dat henr(ic) die dan t(er)stont stellen soude dairmede meester/
merck genoech te vreden was oft soe vele juweelen in handen/
te stellen(e) dat dairaen te verhalen mair soude d(air)af den prioer/
spreken cor(am) buetsel burg(imagistr)[o] et c(er)t(is) de co(n)silio dece(m)br(is) xvii
ContributorsJos Jonckheer
Moderated byJos Jonckheer
Last update: 2016-11-15 by Xavier Delacourt