SAL7736, Act: R°111.3 (142 of 390)
Search Act
previous | next
Act R°111.3  
Act
Date: 1442-11-08

Transcription

2020-01-04 by Jan Bonquet
Van goerde vanden steenwynckele/
It(em) van alsulk(er) aenspraken als daem inde(n) drake vand(er) vue(re)n voe(r) meye(r) en(de) scepen(en) van loven(e)/
gedaen heeft tot goeden [goerde] vanden steenwynckele die nae d(er)en rechte d(er) stad van loeven beleidt/
es totten haefleken goden katlinens vanden steenwynckele sijnre dochter wedewe jans wilen/
geheten blocschoen vand(er) vue(re)n als van vii g(ri)pen en(de) xxiiii pl(a)c(ken) die de voirs(creven) daem yesch te/
vervolgen op de have des voirs(creven) wilen jans blocschoen om dat de selve wilen jan hem die/
sculdich bleven soude sijn van montcoste dwelc hij met sijnre eedt boet te houden (et)c(etera)/
Hevet tvo(n)nisse d(er) scepen(en) van loeven(e) gewijst dat alsulken aensprake als de voirs(creven) daem/
tot den voirs(creven) goerde waert gedaen hadde dat hem en(de) sijne(n) beleide(n) die ghenen gheen/
onstade doen en soude cor(am) pynnoc rijke kersmake(re) velde vynckenbosch willem(air) novembris viii
ContributorsInge Moris , Agata Dierick
Moderated bykristiaan magnus
Last update: 2014-02-18 by Jos Jonckheer