SAL7761, Act: V°192.3 (531 of 650)
Search Act
previous | next
Act V°192.3  
Act
Date: 1473-06-11

Transcription

2020-12-16 by Walter De Smet
It(em) mathijs van gheete woenen(de) te loeven heeft gelooft den pater sgoidsh(uyse) van s(in)te/
barbelen dale te thienen tot behoef desselfs goidsh(uys) zo verre jan de pont/
met rechte gewynnen can op e(n)nige vanden lande gedragende tsamen iii(½) boende(r)/
die willem van ro(m)male en(de) zijn wijf willem taillefer en(de) zijn wijf den/
voirs(creven) goidsh(uys) voer eyghen opten last van eenen mudde corens erflic gegoedt/
hebben e(n)nighen ande(re)n tsijs met dan voirscr(even) es dat de selve mathijs dat/
afstellen sal en(de) de selve goede d(air)af lossen en(de) dairaf inne staen En(de)/
voirt dat hij tusschen dit en(de) liechtmisse naistcomen(de) den selven goidsh(uys)/
richtinghe doen sal ende restitucie vanden pe(n)ninghen van eenen dach(mael)/
en(de) xvii cleyn roeden lands maten van ha(n)nut dat de voirs(creven) lande myn/
bevonden [zijn] gedragende dan iii(½) boende(r) na gelande vanden coope vanden/
geheelen goeden loepende ter so(m)men boven tvoirs(creven) mudde corens van/
lx rijnsch(en) gulden(en) Cor(am) borch heyk(ens) junii xi
ContributorsJan Boncquet
Moderated byJan Boncquet
Last update: 2016-05-10 by Xavier Delacourt