SAL7761, Act: V°59.4 (196 of 650)
Search Act
previous | next
Act V°59.4  
Act
Date: 1472-11-16

Transcription

2020-05-12 by Walter De Smet
It(em) henrick van bladele woenen(de) teppeghem heeft gemechticht arnde van bladele/
zijnen brueder om alle desselfs chijse rinten pachten en(de) sculden diemen hem/
nu sculdich es of namails wesen sal te manen teyschen op te boe(re)n/
en(de) tontfanghen den sculde(re)n van zijnen ontfanghe quijt te schelden/
en(de) quitancie te gheven De selve chijse rinten pachten en(de) sculden/
en(de) alle zijn ande(r) saken en(de) stucken die hij nu te doen heeft of namails/
hebben sal moegen in aenlegg(er)s oft verweerd(er)s stad aen en(de) tegen/
eene(n)yegeliken met rechte te vervolghen (et)c(etera) In forma Gelovende/
vast Cu(m) comput(atione) (et) revoc(atione) Cor(am) meld(er)t burg(imagistro) oppend(orp) borgh/
scabinis no(vembris) xvi
ContributorsJan Boncquet
Moderated byJan Boncquet
Last update: 2016-04-27 by Xavier Delacourt