SAL7347, Act: V°265.2 (436 of 745)
Search Act
previous | next
Act V°265.2  
Act
Date: 1454-02-14

Transcription

2018-06-01 by Magda Van Winkel
It(em) het is tusschen den p(ar)tien vors(creven) volcomentlic besproken/
oft den voirs(creven) chijs opde crone meer gedroege jaerlix dan/
drie cronen dat de vors(creven) p(ar)tien dat te gelike dragen/
souden oft dien oit mynd(er) bevonden worde dat sal inder/
eend(er) helicht de vors(creven) jan keyenoege d(er) ande(r) p(ar)tien/
genoech doen eisd(em) Desgelix eest besproken dat de vors(creven)/
van keyenoeghe gehouden sijn sal raes de rijke meye(r)/
van herent te laten gebruyken zijn pechtinge die hij heeft/
aen tvoirs(creven) boend(er) en(de) xxv roeden lants te herent geleghen/
dwelc de vors(creven) wilen h(er) jan van laetwijc en(de) goessen/
tybe hem uutgegeve(n) hebben te jaerscharen in sulker/
mate(n) als de scepen(en) brieve dair af sijnde spreken/
eisd(em)
Contributorskristiaan magnus
Moderated bykristiaan magnus
Last update: 2016-03-25 by kristiaan magnus