SAL7730, Act: V°257.1 (251 of 429)
Search Act
previous | next
Act V°257.1  
Act
Date: 1437-02-09

Transcription

2019-03-05 by Yves Sergeant
Item van alsulker aenspraken die jan van tillr(ode) gedaen heeft tot/
werne(re)n van davelez van c en(de) x g(ri)pen ludix gelts die de/
voirs(creven) werne(r) opgehaven soude hebben van seke(re)n goeden die/
toebehoerden den voirs(creven) janne van tillr(ode) en(de) die gecocht heeft/
willem de roolede/
Dair af de selve jan van tillr(ode) alrehande redene(n) dede seggen mids/
den welken hij meynde dat hem de voirs(creven) werne(r) de voirs(creven)/
c en(de) x g(ri)pen weder oprichten en(de) betalen soude Dair/
op de selve werne(r) de contrarie houden(de) en(de) met vele redene(n)/
inden rechte dede seggen dat hij hem die niet sculdich en wae(r)/
wed(er) te ke(re)n biedende en(de) p(rese)nterende ten eynde en(de) ten/
slote sijne(n) eedt dat hij den voirs(creven) janne vande(n) voirs(creven) c en(de)/
x gripen niet sculdich en wae(r) Heeft tvonnis d(er) scepen(en)/
van loeve(n) gewijst so waer de voirs(creven) werne(r) sijne(n) eedt/
doet gelijc hij geboden heeft dat hij dair mede gestaen/
sal kersmake(re) roelofs smacht borchove(n) cap(elle)[ma(n)] ov(er)wynge/
iunior smet febr(uarii) ix
ContributorsWalter Winnelinckx
Moderated byWalter Winnelinckx
Last update: 2016-02-03 by xavier delacourt