SAL7761, Act: R°160.1-V°160.1 (458 of 650)
Search Act
previous | next
Act R°160.1-V°160.1  
Act
Date: 1473-04-26

Transcription

2020-10-31 by Walter De Smet
Cond zij allen lieden dat jan ve(r)noeden woenen(de) te bynswijck/
inde prochie van wiltsele soen wilen willems in p(rese)ncia (et)c(etera) heeft/
genomen en(de) bekind genomen te hebben van jacoppen ve(r)noeden/
zijnen brueder de goede hier na bescr(even) Te weten yerst/
huys en(de) hof metten boeg(ar)de en(de) beemden en(de) allen ande(re)n heure(n)/
toebehoirten houden(de) tsamen twee boende(r) of d(air) omtr(int) gelegen te/
bynswijck tusschen de goede laureys vander eect en(de) wout(er)s/
van ermbeghem It(em) een stuck (half)om land (half)om beemd houden(de)/
zeven dachmail oft d(air) omtr(int) gelegen ald(air) tusschen de goede/
jans domphoet ende jans van leeuwe bried(er)s It(em) een half/
boend(er) lands gelegen opte vredebrake tusschen de goede claes/
wilen de kersmake(re) en(de) der kynde(re)n boens It(em) een half dach(mael)/
beemds gelegen in tsharenvelt neven de dijlstrate tuschen/
de goede arnds van bolloe en(de) svors(creven) jans ve(r)noeden Te/
houden te hebben en(de) [te] gebruycken van halfmerte lestleden/
eenen t(er)mijn van thien jairen langh deen na dander zonder/
middel volgende Elcx jairs dae(re)nbynnen voe(r) en(de) om drie/
mudde rogs goeds en(de) payabels der maten van loeven en(de) drie/
en(de) een halve cronen te xxiiii stuv(er)s de crone ts(in)t andries/
misse ap(oste)ls te betalen en(de) tvors(creven) coren te wackersele ten huyse/
svors(creven) jacobs te leve(re)n den selven jacobbe(n) alle jaire den vors(creven)/
t(er)mijn due(re)nde (et)c(etera) quo(li)[b(et)] ass(ecutu)[m] met vorwerden dat de/
vors(creven) jan de vors(creven) goede wel en(de) loflic bevreden sal gelijc/
reengenoten boven en(de) beneden [en(de) die tsijnen afsceiden bevreedt laten] en(de) ten lesten jaire vanden/
vors(creven) t(er)mijne sal hij [vijf dachmail vanden] tvors(creven) lande besaeyt laten met wynt(er)corene [tarwen]/
op vier getidege voren It(em) selen de voirs(creven) gebrued(ere)n/
jairlicx te gelike hebben en(de) deylen he alle dappele inden/
voirs(creven) boeg(ar)t wassende en(de) alsmen die leest zo sal de/
vors(creven) jan den lezers den montcost gheven en(de) zij zelen/
tsamen de dachue(re)n betalen It(em) sal de vors(creven) jan den vors(creven)/
zijnen brued(er) jairlicx gheven x busselen walme(re) om de/
huysinge ald(air) mede te decken en(de) alsmen die ald(air) v(er)dect of/
and(er)s van ouden wercke werckt zo sal de vors(creven) jan den/
wercklieden den montcost gheven en(de) de vors(creven) zijn brued(er)/

//
de dachue(re)n It(em) sal de voirs(creven) jan jairlicx zonder afslach vanden vors(creven)/
pachte betalen allen den tsijs en(de) co(m)mer uuten voirs(creven) goeden gaende/
also in tijds dat de vors(creven) jacob dair bij niet beschedicht en/
werde En(de) hij jan sal jairlicx den vors(creven) t(er)mijn due(re)nde vaghen/
en(de) ruymen alle de wat(er)leyden vanden vors(creven) goeden [en(de) de straten maken] zo in/
dat dairbij gheen den vors(creven) jacoppen gheen schade en come/
It(em) en sal de vors(creven) jan bynnen den lesten drie jae(re)n [vande(n) vors(creven) t(er)mijne] gheenre/
hande hout [of haghe] opte vors(creven) goede [staende] moegen houwen heykens cav(er)son/
ap(ri)lis xxvi
ContributorsJan Boncquet
Moderated byJan Boncquet
Last update: 2016-05-10 by Xavier Delacourt